chinese space station

Posted On June 6, 2018 By In Ruimtevaart And 363 Views

Waarom China zijn ruimtestation opent voor de wereld

China wil zijn toekomstige ruimtestation openstellen voor andere landen. Het is een belangrijke stap voor het land dat een vergevorderde ruimtevaartsector heeft. Maar wie denkt dat er een nieuw International Space Station komt heeft het helaas mis…

Het land werkt samen met de Office for Outer Space Afairs van de Verenigde Naties om die samenwerking officieel te maken. Volgens het akkoord mogen alle VN-lidstaten straks wetenschappelijke experimenten uitvoeren aan boord van Tiangong-2, het toekomstige ruimtestation van het land. “Het Chinese Space Station behoort niet alleen aan China, maar aan de wereld”, zegt de Chinese VN-ambassadeur Shi Zhongjun in een verklaring. China zegt met het plan internationale samenwerking te willen bevorderen, evenals het vredig gebruik van de ruimte.

Vergevorderd ruimteprogramma

Het is een logische stap voor China. Het land bouwt al decennia aan een eigen ruimteprogramma, dat inmiddels vergevorderd is. In 2003 werd China het derde land ter wereld dat bemande vluchten kon uitvoeren.

Het ruimtevaartprogramma van de Chinezen is verrassend geavanceerd. Het land heeft eigen raketten (de Long March) en een eigen capsule (de Shenzhou). Sinds de eerste vlucht van Yang Liwei in 2003 zijn er 11 taikonauten naar de ruimte gegaan. China heeft ook een eigen satellietnavigatiesysteem (Beidou), en landde in 2013 met Chang’e 3 en de Yutu-rover op de maan. Inmiddels wordt gewerkt aan een missie naar de dark side of the moon, en uiteindelijk een bemande maanlanding – al is dat laatste nog ver weg.

Chinese Space Station

Maar het is China’s ruimtestation dat de komende jaren de meeste aandacht krijgt. Tiangong-1 (‘Hemels Paleis’), dat eerder dit jaar terugviel naar de aarde, was slechts een eerste experimenteel station, een enkele module waarmee het land de obstakels van een groter station wilde ontdekken. Inmiddels is er een tweede, groter station genaamd Tiangong-2. In 2020 wil China het pragmatisch genaamd ‘Chinese Space Station’ (CSS) lanceren. Dat bestaat uit meerdere modules en is bedoeld voor langere bemande missies.

Tot kort geleden was het Chinese ruimtevaartprogramma voornamelijk gericht op het eigen land. Taikonauten mogen door restricties van Amerika niet meedoen aan het ISS en hebben daarom weinig opties voor internationale samenwerking – althans, op het gebied van bemande vluchten.

Lees ook: ‘Why does China have (and want) a space station?’

Gebruikersovereenkomst

Door nu het eigen ruimtestation open te stellen voor buitenlandse programma’s omzeilt het land die restricties. Toch blijft de controle over het station in handen van China. Het gaat niet om een samenwerking, maar om een soort gebruikersovereenkomst. Astronauten mogen onder bepaalde voorwaarden (en tegen betaling) straks mee om experimenten te doen in het Chinese ruimtestation.

Het is nog niet duidelijk hoe dat in de praktijk gaat. Mogelijk kunnen astronauten mee met China’s eigen Shenzhou-capsule, maar het kan ook goed dat het CSS een docking-module krijgt voor de Russische Soyuz.

Mir

Het CSS heeft op die manier niet zozeer weg van het ISS, maar eerder van de Mir. Het Russische ruimtestation, dat operationeel was van 1976 tot 2001, was volledig gebouwd en onderhouden door de Sovjet-Unie (en later Rusland). Rusland stelde het station open voor astronauten. Mir werd bezocht door 5 ESA-astronauten, maar ook ruimtevaarders uit Afghanistan, Syrië en Japan. Ook boekten 44 Amerikanen een tripje naar het station.

Het partnerprogramma van Mir was niet alleen bedoeld voor samenwerking en prestige. Geld speelde een belangrijke rol. De Sovjet Unie was praktisch blut en kon de miljoenen die bezoekers betaalden goed gebruiken.

Voor China is dat geld veel minder belangrijk. Het land doet met de samenwerking juist een investering in de toekomst.

Eerdere internationale samenwerking

Het is niet de eerste keer dat het land meer internationale samenwerking zoekt. Sterker nog, het is niet de eerste keer dat China internationale astronauten naar zijn ruimtestation wil halen. Vorig jaar trainden ESA-astronauten met Chinese taikonauten. Het ging om overlevingstrainingen in het water,

Kleine landen

Het is echter ook goed mogelijk dat China gaat samenwerken met landen die op dit moment nog weinig met ruimtevaart doen, maar wel de ambities hebben. India is een interessante kandidaat: de grootmacht is hard op weg zelf een bemand programma op te starten. Trainingen en ervaring met het Chinese programma zijn dan erg nuttig. Andere Aziatische landen zoals Iran of Pakistan zijn daar ook in geïnteresseerd. En dan zijn er nog de landen die naast wat kleine satellieten niet aanwezig zijn in de ruimte. Landen zoals Nigeria of Angola hebben mogelijk ook interesse om aan het programma deel te nemen – en die stellen waarschijnlijk ook minder eisen aan deelname.

Aandeel in ISS

Andere partners in het ISS, met name Rusland, hebben al eerder handreikingen gedaan aan China. Rusland beheert, samen met Amerika, 80% van het ISS, en is een partner met gewicht. In 2014 opperde toenmalig hoofd van Roscosmos al dat China moest kunnen toetreden tot het ISS.

Dat is echter onmogelijk, want strenge Amerikaanse handelsembargo’s weerhouden China ervan te profiteren van Amerikaanse technologie. Mede daarvoor mogen Chinese burgers niet mee met de paraboolvluchten van Virgin Galactic.

Gat (in de markt)

China ziet een gat dat het ISS over een paar jaar achterlaat. De belangrijkste partners van het International Space Station komen er niet uit wat er in de toekomst met het station moet gebeuren. De toekomst van het station ná 2025 is onzeker; gaan Rusland en Amerika (de grote geldschieters) door met het programma? Gaan commerciële bedrijven een rol spelen in dat programma? En zijn de torenhoge onderhoudskosten wel te betalen door private instellingen?

Lees ook: ‘What’s going to happen to the International Space Station?’

De rivaliteit tussen China en Amerika blijft voorlopig nog wel bestaan. Maar China doet inmiddels wel meer handreikingen naar de andere partners. ESA heeft met een aandeel van zo’n 8% niet heel veel te zeggen over de toekomst van het ISS, maar Europa wil wel graag op de één of andere manier in de ruimtevaart betrokken blijven. Samenwerking met China is daarbij een mogelijkheid. Hetzelfde geldt voor Japan en Canada.

Grootmachten

China speelt het slim door die landen toegang te bieden tot zijn eigen ruimtestation, maar er geen direct partnerschap van te maken. Dat maakt China het land dat de kaarten schudt, de grootmacht die bepaalt wie de spelers worden in de nieuwe ruimterace en wie daarbij de boventoon voert.

Daarom is het de grote, interessante vraag hoe de samenwerking tussen Rusland en China straks gaat worden. Die twee grootmachten hebben samen de mogelijkheid Amerika af te troeven op ruimtevaartgebied. De vraag is hoeveel invloed Rusland in zo’n geval wil op de ontwikkeling van het Chinese station. Want het land zal niet zomaar alles accepteren…aa

Tags : , , , , , , ,

About

Comments are closed.