IMG_0124.JPG

Posted On June 9, 2019 By In Achtergrond, Politiek, Ruimtevaart And 138 Views

NASA stelt het ISS open voor commercie en marketing

NASA stelt het ISS open voor commerciële partijen. Bedrijven mogen straks in het ISS hun producten testen of zelfs reclamevideo’s maken. Ook kunnen astronauten tegen betaling naar het station. Het plan is controversieel, maar past goed in NASA’s toekomst. Er zitten echter ook nog veel haken en ogen aan.

De plannen

NASA maakte de plannen vrijdag bekend in een persconferentie. Het ruimteagentschap heeft daarvoor het ‘Interim Directive of Use of ISS for Commercial and Marketing Activities’ getekend. Kort gezegd betekent het dat bedrijven het ruimtestation mogen gebruiken voor commerciële activiteiten.

Bedrijven mogen bijvoorbeeld producten naar het ISS sturen om te testen hoe die reageren op microzwaartekracht. Ze mogen daarvoor zelfs gebruik maken van de hulp van (Amerikaanse) astronauten die aan boord zijn.

Ook mogen bedrijven het ISS (en beelden van de ruimte vanuit het ISS) gebruiken voor de marketing van hun producten. Je kunt dan denken aan een reclame waarmee de slogan ‘Red Bull geeft je vleugels’ naar een nieuw niveau wordt getild.]

Bedrijven mogen in de toekomst ook hun eigen modules aan het ISS koppelen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de Bigelow Expandable Activity Module die sinds 2017 aan het station hangt.

Tot slot wordt het ISS ook opengesteld voor astronauten. Die mogen dan in het station verblijven en werken, bijvoorbeeld met het testen en filmen van hun eigen producten.

Mocht dat eerst niet dan?

Nee, niet zomaar, zeker wat marketing en commerciële producten betreft. NASA (en de andere partners van het ISS) werkten altijd wel nauw samen met commerciële partijen, maar doorgaans in opdracht van NASA zelf. Dat gebeurt via CASIS, het Center for Advancement of Science in Space. Dat regelt alle wetenschappelijke experimenten in het ISS. Veel van die experimenten zijn door commerciële bedrijven gebouwd, maar ze moeten wel altijd een wetenschappelijke of educatieve inslag hebben. Sterker nog, astronauten mogen aan boord van het station nu niet meewerken aan experimenten als bedrijven daar later mogelijk geld aan verdienen.

Bedrijven mogen straks producten testen in het ISS en er reclamevideo’s maken

NASA wil dat veranderen. Het moet voor bedrijven makkelijker worden om zaken te doen in en rondom het ISS en het te bezoeken. Zo kan het station op lange termijn geld opleveren – of in ieder geval minder geld kosten dan nu…

Er zijn toch al ruimtetoeristen naar het ISS geweest?

Klopt, meerdere keren zelfs. De eerste was Dennis Tito die in 2001 20 miljoen betaalde voor een tocht van acht dagen naar het ruimtestation. Sindsdien zijn er 6 andere toeristen naar het station geweest.

Ruimtetoerisme naar het station is altijd een lastig onderwerp geweest. Dat werd voornamelijk geregeld door Space Adventures, een commerciële partij. Dat klopt daarvoor aan bij Rusland, wiens ruimteprogramma altijd om geld verlegen zit en dat daarom altijd openstaat voor wat commercieel inkomen. De reis van Tito en de andere toeristen waren vaak controversieel; NASA was het er niet altijd mee eens.

Restricties

Het commercieel gebruik van het ISS wordt straks niet onbeperkt. De restricties zijn vrij groot.

Bedrijven mogen maximaal 175 kilo vracht per jaar naar het station brengen. Als de bedrijven hulp willen van NASA-astronauten (bijvoorbeeld om experimenten uit te laten voeren zonder zelf aanwezig te zijn), dan kan dat voor maximaal 90 uur per jaar.

Commerciële astronauten mogen maximaal 30 dagen in het station verblijven, en moeten daarvoor bovendien vrij diep in de buidel tasten. NASA hanteert de volgende prijzen:

Zelf een vlucht boeken

Daar komt bij dat de astronauten zelf moeten zorgen voor vervoer naar het station. Dat kan ook niet anders, want NASA kan zelf geen astronauten meer naar het ISS sturen. Daarvoor gebruikt het in de toekomst commerciële partijen, waar commerciële ruimtevaarders straks ook kunnen aankloppen. Mogelijke opties zijn SpaceX of Boeing, maar in de toekomst ook Sierra Nevada Corp. Dat werkt aan de Dream Chaser voor bemande ISS-vluchten, al is die nog niet af.

Ook kunnen astronauten bij de Russen aankloppen. Daar wordt het al interessanter, want hoewel Rusland buiten deze plannen van NASA valt zullen de Russen best interesse hebben tegen flinke betaling wat extra passagiers mee te nemen.

Waarom wil NASA dit?

NASA heeft al langer commerciële ambities voor het ruimtestation. Niet alleen voor de bedrijven, maar ook uit eigenbelang.

NASA kan niet én door met het ISS én terug naar de maan

Aan de ene kant wil het ruimteagentschap zelf weg uit low Earth orbit (LEO). Sinds de laatste maanlanding in 1972 zijn bemande vluchten nooit hoger dan zo’n 600 kilometer boven de aarde gekomen. Wetenschappelijk is het ISS zeker de laatste jaren erg nuttig geweest, maar de rek is er inmiddels wel uit. De kosten wegen niet op tegen de opbrengsten. Het ISS kost teveel geld (nog steeds een miljard dollar per jaar) waardoor NASA niet verder dan LEO kan kijken; NASA kan niet én in LEO blijven én naar de maan gaan.

Door LEO ‘door te geven’ aan de commerciële sector kan NASA zich wél richten op die verdere doelen. Dat gebeurt onder andere met de Lunar Gateway, een ruimtestation dat om de maan komt te vliegen.

Daarnaast is het ook één van NASA’s hoofddoelen om de Amerikaanse industrie te stimuleren. Dat doet het door componenten voor raketten, satellieten en het ISS uit te besteden aan bedrijven, maar met dit nieuwe plan ontstaat er mogelijk een heel nieuwe industrie – al zal in de toekomst moeten blijken hoe lucratief die wordt.

Eind van het ISS

NASA, maar ook andere partijen, willen het ISS graag in de lucht houden. Het International Space Station is aan het eind van zijn levensduur – aanvankelijk zou het station in 2020 uit de lucht worden gehaald. Dat betekent dat het gecontroleerd de dampkring in valt, daar grotendeels opbrandt, en de rest van de componenten in de oceaan stort.

Een paar jaar geleden werd besloten dat tot in ieder geval 2024 uit te stellen.

Lees ook: ‘No one knows what’s going to happen to the International Space Station.’

Maar ook in 2024 zou het zonde én te vroegtijdig zijn om te stoppen met het ISS. Het ruimtestation voegt pas sinds een paar jaar écht iets toe op wetenschappelijk gebied, veel later dan gepland. Nu stoppen zou zonde zijn, maar tegelijkertijd kost het wel heel veel geld het station te onderhouden. Die kosten worden grotendeels door NASA gedragen, en ook hier geldt: wie betaalt, bepaalt.

Andere landen

Amerika is niet het enige land dat meedoet aan het International Space Station (what’s in a name?). NASA heeft ook te maken met ESA (Europa), JAXA (Japan) en CSA (Canada), en niet geheel onbelangrijk, met Rusland. Maar omdat NASA de meeste kosten maakt zullen zeker de kleinere ruimteagentschappen die aan het ISS-programma meedoen de nieuwe plannen van NASA best accepteren – zij het misschien met wat tegenzin.

Er wordt wel eens gespeculeerd dat Rusland zijn eigen modules zou willen loskoppelen en een eigen ruimtestation wil beginnen, maar in de praktijk heeft het land daar helemaal geen geld voor en vind ook Rusland de huidige status quo wel prima.

NASA zei tijdens de persconferentie en in de nadere uitleg vrijwel niets over hoe de andere partners tegen de nieuwe plannen aankijken, en of daar überhaupt veel overleg mee is geweest.

Wél staat er te lezen dat eventuele commerciële astronauten in principe alleen in de volgende (Amerikaanse) modules mogen verblijven en werken.

Node 1 (Unity)
Joint Airlock (Quest)
Node 3 (Tranquility)
Cupola
Permanent Multipurpose Module
US Laboratory (Destiny)
Node 2 (Harmony)
FGB (Functional Cargo Block)

Astronauten mogen alleen in de Russische modules (Zarya en Zvezda) en in de Europese en Japanse laboratoria Columbus en Kibo komen met ‘expliciete toestemming van de desbetreffende landen’. Dat was tijdens de eerdere vluchten van onder andere Tito ook zo: hij mocht zonder begeleiding niet zomaar de Amerikaanse modules in (al deed hij dat wel).

Ook vallen commerciële astronauten onder het commando van de huidige commandant van het station, doorgaans afwisselend een Rus of Amerikaan (en heel soms een Europeaan, Japanner of Canadees), en moeten zij zich houden aan de ‘Crew Code of Conduct’ van het station.

In de praktijk zullen de astronauten onderling moeten uitvinden welke werkwijze het beste voor hen werkt. Het lijkt onpraktisch om alleen bepaalde delen van het toch al relatief krappe ruimtestation beschikbaar te maken voor astronauten.

Tags : , , ,

About

Comments are closed.